Zelf je bandenspanning controleren: zo doe je dat!

Wil jij graag veilig en comfortabel in je auto rijden? Dan is het belangrijk om de juiste bandenspanning te hebben. Het regelmatig controleren van je bandenspanning is erg belangrijk voor je auto. Hierdoor presteert je autoband beter en zorgt het voor voldoende stabiliteit en draagkracht voor je auto. Rij je op een te hoge of te lage bandenspanning, dan slijten je banden sneller en gebruik je zelfs meer brandstof dan nodig! Hier zijn onnodige kosten aan verbonden, want je autoband moet sneller vervangen worden en je betaalt meer brandstofkosten. Maar hoe controleer je de bandenspanning van je auto?

Waarom een goede bandenspanning belangrijk is winter-tires-1011442_1280

Is je bandenspanning met 25% dte laag, verhoogt dit de rolweerstand met 10%. Het gevolg hiervan is dat je brandstofverbruik met 2% toeneemt. En dat kan aardig wat centen kosten wanneer je vaak met je auto rijdt. En niet alleen het feit dat je minder brandstofkosten hoeft te betalen bij een goede bandenspanning telt mee, ook de verhoging van je verkeersveiligheid is erg belangrijk. Een te hoge of lage bandenspanning zorgt ervoor dat je minder grip op de weg hebt. Hierdoor heb je een langere remweg en een hogere slipkans. Hierdoor zit een ongeluk in een kleine hoek en kan het maar zo zijn dat je je auto als sloopauto moet verkopen. En dat is zonde!

Hoe controleer ik mijn bandenspanning?

Sinds het jaar 2014 moeten alle nieuwe auto’s voorzien zijn van het Tyre Pressure Monitoring System dat ontwikkeld is door Continental. Dit systeem meet continu de spanning van de banden tijdens het rijden. Je krijgt vanzelf een melding wanneer de bandenspanning stijgt of zakt.

Hoe breng ik zelf mijn banden op spanning?

In het instructieboekje van je auto vind je de bandenspanning die je band moet hebben. Meestal geeft het Tyre Pressure Monitoring System aan wanneer één of meerdere banden niet de gewenste spanning hebben. Daarna stel je de bandenpomp in op de juiste bandenspanning. Draai daarna het ventieldopje los en sluit de bandenpomp hierop aan. Houdt het mondstuk net zo lang aangedrukt en recht tot de band op de juiste spanning is. Wanneer het zo ver is, hoor je een piepje vanaf de pomp. Draai als laatste stap het ventieldopje weer op de band.